Navigeer

Diagnosestelling

Een tijdige en juiste diagnose is belangrijk om de persoon de juiste ondersteuning, zorg en eventueel gepaste behandeling te geven.

De huisarts als eerste expert

Als iemand op het spreekuur komt, zal de arts mogelijke lichamelijke invloeden zoals hormoonstoornissen, een vitaminetekort, verkeerd gebruik van medicijnen of een depressie proberen uit te sluiten. Hij zal dit doen door onder meer een urine- en bloedonderzoek.
Om een goed beeld te krijgen van de klachten wil de huisarts meestal ook spreken met iemand uit de directe omgeving over de geheugenstoornissen, taalproblemen en veranderingen in het gedrag. Deze extra informatie heeft de huisarts nodig om met de specialist (neuroloog, psychiater, geriater) een definitieve diagnose te stellen. Op die manier onderzoekt hij of de verschijnselen blijvend zijn en na verloop van tijd erger worden.

De rol van de geriater-internist

Wanneer de huisarts de diagnose verder wil laten onderzoeken of bevestigen, stuurt hij de patiënt voor verder onderzoek naar een specialist. 
De geriater-internist is voor de oudere patiënt de spilfiguur die de verschillende onderzoeken voorschrijft, coördineert, een diagnose stelt en deze resultaten met de patiënt en zijn/haar familie bespreekt. Hij doet beroep op een multidisciplinair team voor verdere testen en observaties via een dagopname in de geheugenkliniek van het geriatrische daghospitaal. Dit team is gespecialiseerd in de begeleiding en behandeling van personen met dementie.